Helaas zijn de Algemene Honorariumcriteria vanwege de diversiteit van de advocatuurlijke werkterreinen zeer complex. Daarom is het voor leken bijna onmogelijk om vooraf te berekenen welk honorarium de Algemene Honorariumcriteria als passend beschouwen voor een bepaalde, in de Algemene Honorariumcriteria geregelde advocatuurlijke dienst.
Ons kantoor biedt daarom voor nieuwe cliënten een eerste juridisch consult aan, dat met name ook dient om de hoogte van het te verwachten honorarium te bespreken.
Algemene honorariumcriteria
Gepubliceerd op de website van de Oostenrijkse Orde van Advocaten (http://www.rechtsanwaelte.at) op 10.10.2005, 28.4.2008 en op 11.5.2009, 10.5.2011, 3.10.2012, op 30.9.2013, op 27.5.2014, op 28.5.2015, op 15.05.2017, op 30.06.2021, op 23.01.2023, op 28.09.2023 en op 30.09.2024.
Deel I – Materieel toepassingsgebied
§ 1
(1) De honorariumaanspraak van de advocaat vloeit voort uit de overeenkomst tussen hem en zijn opdrachtgever. Bij gebrek aan een overeenkomst is, onder voorbehoud van wettelijke honorariumregels volgens §§ 1004, 1152 ABGB, een passende vergoeding verschuldigd.
(2) Voor een honorariumovereenkomst wordt de schriftelijke vorm aanbevolen.
§ 2
(1) Volgens vaste beroepsopvatting dienen in het belang van de rechtsbedeling, in het bijzonder ter bescherming van de opdrachtgevers, de onderstaande criteria ter beoordeling van de redelijkheid van het honorarium.
(2) De honorariumbedragen veronderstellen diensten van een advocaat. Bij de beoordeling van de redelijkheid van het honorarium moet in aanmerking worden genomen of deze diensten qua aard of omvang het gemiddelde aanzienlijk overstijgen of onderschrijden.
§ 3 (opgeheven)
§ 4 (opgeheven)
Deel II – Civiele en administratieve zaken
§ 5 Euro
Als berekeningsgrondslagen voor honorariumbedragen (§ 2) kunnen, voor zover niet op grond van het belang van de opdrachtgever of uit de zaak zelf een andere waarde blijkt, de volgende bedragen als passend worden beschouwd:
1. Belastingzaken (belastingen, heffingen en bijdragen)
a) bij geschillen het betwiste bedrag,
b) voor belastingaangiften (zelfberekeningen) volgens §§ 30 b en 30 c EStG 1988 de waarde van de tegenprestatie in de zin van § 5 GrEStG 1987, indien echter een dergelijke niet aanwezig is, de grondstukwaarde in de zin van § 4 GrEStG 1987 c) bij overige belastingaangiften (zelfberekeningen) de waarde van de fiscale heffingsgrondslag, d) anders 5.500
2. Adoptiezaken
de waarde van het vermogen van de adoptant,
anders 9.300
3. Agrarische zaken
a) bij terugkerende prestaties het drievoudige jaarbedrag
b) of de verkeerswaarde van het betreffende recht,
anders 17.300
4. Bouwzaken
a) gering 9.300
b) middelgroot 34.600
c) grote projecten 286.700
5. Mijnrechtzaken 57.000
6. Huurzaken
de drievoudige jaarlijkse huurprijs, anders
a) bij bedrijfsruimten 17.300
b) bij woningen tot drie woonruimten 9.300
c) overige woningen 14.000
d) in procedures volgens § 18 van de Huurwet
het drievoudige jaarbedrag van de huurverhoging.
7. Erfdienstbaarheids- en reële lastzaken
a) bij terugkerende
prestaties het drievoudige jaarbedrag of de
verkeerswaarde van het betreffende recht,
b) anders 9.300
8. Dienstrechtzaken (uitgezonderd disciplinaire zaken)
drie jaarsalarissen
9. Elektriciteitszaken 17.300
10. Onteigeningszaken
a) het gevorderde schadevergoedingsbedrag,
b) anders 5.500
11. Visserijzaken
a) de drievoudige jaarlijkse pachtsom,
b) anders 17.300
12. Bosrechtzaken, voor zover het niet om
milieubeschermingszaken gaat,
a) voor bezit van agrarische omvang 17.300
b) voor groot bosbezit 172.700
13. Bedrijfszaken, voor zover het niet om
milieubeschermingszaken in het bedrijfsinstallatierecht gaat,
a) voor kleine bedrijven 17.300
b) voor middelgrote bedrijven 57.000
c) voor grotere bedrijven 114.000
d) voor grote bedrijven 286.700
14. Industriële eigendom
Aangelegenheden van industriële eigendom
en intellectuele eigendomsrechten 57.000
15. Grenscorrecties- en -vernieuwingszaken
a) de waarde van het betwiste oppervlak,
b) anders 7.200
16. Insolventiezaken (vertegenwoordiging van de schuldenaar)
a) bij het saneringsplan de vereiste vervulling inclusief de boedelvorderingen,
b) (opgeheven) c) bij overige beëindiging van de insolventieprocedure het te verdelen
vermogen,
d) anders 17.300 Euro,
e) Diensten in insolventiezaken die betrekking hebben op afscheidings- of voorrechten
dienen afzonderlijk te worden gewaardeerd
17. Jachtrechtzaken
a) de drievoudige jaarlijkse pachtsom,
b) anders 34.600
18. Kartelzaken
a) Bagatelkartel of distributiebindingen 57.000
b) overige 229.700
19. In aangelegenheden van de Wegenverkeerswet 1967
en de Rijbewijswet
14.000
20. Uiterste wilsbeschikkingen
a) de waarde van het vermogen waarover wordt beschikt,
b) anders 7.200
21. Onroerend goedverkeer
de koopsom, de verkeerswaarde of de volgens de voor notarissen geldende bepalingen toegestane berekeningsgrondslag
22. Mediazaken
a) Procedures voor de voor mediazaken bevoegde gerechtshoven en commissies alsmede weerwoorden: Honorariumaanspraken volgens § 9 lid 1 Z2 en § 10,
b) Procedures voor bestuursorganen: Honorariumaanspraken volgens § 9 lid 1 Z1 en § 10;
23. Personenstandszaken 14.000
24. Voogdijzaken,
met uitzondering van onderhoudszaken 7.200
25. in aangelegenheden van volwassenenvertegenwoordiging
a) de waarde van het betrokken vermogen, Oostenrijkse AHK Orde van Advocaten Stand: 01.10.2024 4 van 10
b) anders 9.300 Euro
26. Staatsburgerschapszaken 14.000
27. Doodverklaringszaken
a) de waarde van het vermogen van de dood te verklaren persoon,
b) anders 9.300
28. Milieubeschermingszaken
a) in het bedrijfsinstallatierecht, stoomketel-emissie- en luchtreinhoudingsrecht, bos- en waterrecht alsmede
verwijderingsrecht in verband met grote installaties 57.000
b) anders 17.300
29. Auteurs- en uitgeversrechtzaken 57.000
30. Verenigingszaken
a) de waarde van het vermogen,
b) anders 14.000
31. Nalatenschapszaken
a) bij schriftelijke afwikkelingszorg berekeningsgrondslag
volgens § 3 Gerechtelijk Commissietariefwet,
b) bij overige vertegenwoordiging de waarde van de aanspraak.
32. Waterrechtzaken voor zover het niet om
milieubeschermingszaken gaat 17.300
33. Appartementsrechtzaken (uitgezonderd onroerend goedverkeer volgens Z 21)
a) bij terugkerende prestaties het drievoudige jaarbedrag
b) anders 9.300
34. Overige civiele en administratieve zaken
a) zeer eenvoudig van aard en van geringe betekenis 5.500 Euro
b) in het algemeen 21.200 Euro
c) bij verstrekkende betekenis 55.500 Euro
35. Procedures voor de bestuursrechters wegens de uitoefening van onmiddellijke bestuurlijke
bevels- en dwangbevoegdheid, inclusief klachten volgens de Vreemdelingenpolitiewet 34.600
36. Patiëntenbeschikkingen 21.200 Euro
37. Zorgvolmachten
a) de waarde van het vermogen
b) anders 21.200 Euro
§ 6
(1) De berekening van het honorarium in het gehele toepassingsgebied van het 2e en deel kan onder overeenkomstige toepassing van het RATG in zijn telkens geldende versie volgens lid 3 plaatsvinden, in het bijzonder door toepassing van de bepalingen over het uniforme tarief en de TP 1 tot 3 en 5 tot 9 RATG.
(2) Een verbindingsvergoeding ter hoogte van 25 procent van de op het geschrift
vallende vergoeding kan in rekening worden gebracht, wanneer de toekenning van de
opschortende werking wordt aangevraagd of met een rechtsmiddel de uitsluiting van de
opschortende werking wordt bestreden.
(3) Zodra en voor zover de door het Oostenrijkse Bureau voor de Statistiek gepubliceerde consumentenprijsindex 2015 of de daarvoor in de plaats tredende index ten opzichte van de voor de maand van de laatst in werking getreden verordening volgens § 25 RATG resp. vervolgens ten opzichte van het aan de laatste wijziging ten grondslag gelegde indexcijfer met meer dan 5% is gewijzigd, kan vanaf 01.01. van het jaar volgend op deze wijziging de vergoeding als passend worden beschouwd, die zich uit de volgens overeenkomstige toepassing van het RATG berekende totaalvergoeding van de advocaat (vaste bedragen van het RATG plus uniform tarief volgens § 23 RATG, procesgenotentoeslag volgens § 15 RATG, ERV-toeslag volgens § 23a RATG en verbindingsvergoeding volgens Aant. bij TP 3 RATG, telkens indien
van toepassing) plus een toeslag, die overeenkomt met de wijziging tussen het voor de maand van de
laatst in werking getreden verordening volgens § 25 RATG resp. vervolgens ten opzichte van het
aan de laatste wijziging ten grondslag gelegde indexcijfer en de oktoberindex van het voorgaande jaar. De zo berekende toeslag kan op de volgende volle 10 cent commercieel worden afgerond.
(3a) Kan een toeslag volgens lid 3 als passend worden beschouwd en treedt
tijdens het kalenderjaar een nieuwe verordening volgens § 25 RATG in werking, die niet
overeenkomt met de hoogte van de toeslag volgens lid 3, kan vanaf de inwerkingtreding van de verordening
de toeslag volgens lid 3 volgens de volgende berekeningsformule worden omgerekend: x = (1 z/100) / (1+y/100) * 100 – 100 (z = percentage van de AHK-toeslag oud; y = percentage van de procentuele wijziging door de nieuwe verordening volgens § 25 RATG ten opzichte van de laatst geldende verordening volgens § 25 RATG).
(4) De eerste vaststelling van de toeslag volgens lid 3 vindt plaats op basis van het voor januari 2016 gepubliceerde indexcijfer in vergelijking met het voor januari 2023 gepubliceerde indexcijfer en kan worden toegepast voor de berekening van het honorarium voor vanaf 15.03.2023 verrichte diensten.
(5) De hoogte van een toeslag volgens lid 3 inclusief de geldigheidsduur alsmede een eventuele omgerekende toeslag volgens lid 3a moet op internet op de website van de Oostenrijkse Orde van Advocaten (www.rechtsanwaelte.at) permanent beschikbaar worden gesteld.
§ 7
(1) In de gevallen waarin een advocaat meerdere personen vertegenwoordigt of meerdere personen tegenover hem staan, kan als procesgenotentoeslag
a) wanneer slechts aan één zijde twee door de advocaat vertegenwoordigde of tegenover hem
staande personen aanwezig zijn ……………………………………10%
b) voor elke verdere door hem vertegenwoordigde en voor elke verdere tegenover hem staande persoon telkens …………………………………………………………………………………5%
van het honorarium als passend worden beschouwd. (2) Het tarief volgens TP 7/2 (lid 1 laatste zin) RATG kan ook worden toegepast voor een dossierbestudering
die qua aard en omvang de voor de voorbereiding van advocatuurlijke
diensten gebruikelijk noodzakelijke dossierbestudering aanzienlijk (in de zin van § 2 lid 2)
overstijgt. (3) Het tarief kan worden toegepast voor de inzage in het elektronische dossier van rechtbanken, openbaar ministeries en overige instanties in het eigen kantoor, waarbij verschotten die voor het downloaden en afdrukken ontstaan, afzonderlijk in rekening kunnen worden gebracht.
(4) Ongeacht verdergaande aanvraag- en onderzoeksvereisten kan het
kantoorinterne onderzoek in verband met de bepalingen ter voorkoming van
witwassen en terrorismefinanciering volgens TP 7/2 RATG in rekening worden gebracht.
§ 8
(1) Voor de vertegenwoordiging voor supranationale tribunalen en beslissingsorganen, het Constitutioneel Hof of Administratief Hof kan voor klachten, revisies, verweerschriften en het verrichten van mondelinge behandelingen alsmede voor partijverzoeken om normtoetsing het dubbele bedrag van TP 3C RATG als passend worden beschouwd.
(2) Voor juridische adviezen kan het honorariumtarief volgens TP 3 RATG tot het dubbele bedrag van TP 3C RATG als passend worden beschouwd.
(3) Voor onderhandelingen van contradictoire aard kan het honorariumtarief volgens TP 3A RATG als passend worden beschouwd. Voor het schrijven dat inhoudelijk overeenkomt met een processtuk volgens TP 3A RATG en de vordering of afweer van aanspraken tot onderwerp heeft, in het bijzonder het aanmaningsschrijven in overheidsaansprakelijkheids- en verzekeringschadezaken, kunnen de honorariumtarieven volgens dit tariefpost als passend worden beschouwd.
(4) In onteigeningszaken kan voor de tijd waarin over de onteigeningszaak van de
eigen partij wordt onderhandeld, per begonnen uur, het honorarium volgens TP 3 RATG,
Oostenrijkse AHK Orde van Advocaten Stand: 01.10.2024 6 van 10 voor de overige, noodzakelijke tijd van aanwezigheid bij de onteigeningsonderhandeling het honorarium volgens TP 2 RATG als passend worden beschouwd.
(5) Voor het opstellen van akten, contracten en overige verklaringen van elke aard inclusief uiterste wilsbeschikkingen kunnen de tarieven van het notaristarief onder toepassing van de berekeningsgrondslagen van de AHK als passend worden beschouwd.
Voor de beoordeling van vreemde contracten kan een tarief volgens TP 3A tot TP 3C RATG als passend worden beschouwd.
(6) Voor belastingaangiften volgens het GrEStG alsmede volgens §§ 30b en 30c EStG 1988 kan telkens het tarief volgens TP 1 tot TP 3A RATG als passend worden beschouwd.
(7) Wanneer een advocaat als arbiter optreedt, kunnen op zijn diensten de bepalingen van het RATG overeenkomstig worden toegepast, voor zover niet een andere overeenkomst wordt getroffen.
Deel III – Straf- en disciplinaire zaken
§ 9
(1) In officiële strafzaken wegens gerechtelijk strafbare handelingen zijn als honorariumtarieven passend:
Euro
1. In kantongerechtzaken
a) Hoofdzittingen 1e aanleg
voor het eerste halfuur 238
voor elk volgend halfuur 119
b) voor het uitvoeren van het volledige beroep en de
tegenuitvoering hierop 1.188
c) voor het uitvoeren van het beroep alleen wegens
straf en de tegenuitvoeringen hierop 352
d) Beroepszittingen volgens lit b
voor het eerste halfuur 468
voor elk volgend halfuur 234
e) Beroepszittingen volgens lit c
voor het eerste halfuur 352
voor elk volgend halfuur 176
2. In enkelvoudige rechterzaken van het gerechtshof met uitzondering
van de in § 61 lid 1 Z 5 StPO genoemde procedures a) Hoofdzittingen 1e aanleg voor het eerste halfuur 396
voor elk volgend halfuur 198
b) voor het uitvoeren van het volledige beroep en de tegenuitvoering daarop 1.188
c) Voor het uitvoeren van het beroep alleen wegens straf en de tegenuitvoeringen daarop 590 Euro.
d) In beroepszittingen volgens lit. b voor het eerste halfuur 786
voor elk volgend halfuur 393
e) In beroepszittingen volgens lit. c voor het eerste halfuur 590
voor elk volgend halfuur 295
a) Hoofdzittingen 1e aanleg
voor het eerste halfuur 396
voor elk volgend halfuur 198
b) voor het uitvoeren van het volledige beroep en
de tegenuitvoering hierop 570
c) voor het uitvoeren van het beroep alleen wegens
straf en de tegenuitvoeringen hierop 428
d) Beroepszittingen volgens lit b
voor het eerste halfuur 590
voor elk volgend halfuur 286
e) Beroepszittingen volgens lit c
voor het eerste halfuur 428
voor elk volgend halfuur 214
3. In schepenzaken en in enkelvoudige rechterzaken volgens § 61 lid 1 Z 5 StPO
a) In hoofdzittingen 1e aanleg voor het eerste halfuur 540
elk volgend halfuur 270
b) Voor het uitvoeren van het beroep en de tegenuitvoeringen daarop 808
c) In beroepszittingen voor het eerste halfuur 808 voor elk volgend halfuur 404
d) Voor het uitvoeren van de nietigheidsklacht en de tegenuitvoeringen
daarop 1.620
e) Bij gerechtsdagen over nietigheidsklachten voor het eerste halfuur 1.076 voor elk volgend halfuur 538
4. In juryzaken
a) In hoofdzittingen 1e aanleg voor het eerste halfuur 620
elk volgend halfuur 310
b) Voor het uitvoeren van het beroep en de tegenuitvoeringen daarop 928. Oostenrijkse AHK
Orde van Advocaten Stand: 01.10.2024 7van10
c) In beroepszittingen voor het eerste halfuur 928 elk volgend halfuur 464
d) Voor het uitvoeren van de nietigheidsklacht en de tegenuitvoeringen daarop 1.860
e) Bij gerechtsdagen over nietigheidsklachten voor het eerste halfuur 1.236 elk volgend halfuur 618
5. Hechtenis procedures
a) Zittingen 1e aanleg
voor het eerste halfuur 364
voor elk volgend halfuur 182
b) voor grondrechtenklachten 786
voor overige klachten 564
c) Zittingen 2e aanleg
voor het eerste halfuur 564
voor elk volgend halfuur 282
(1a) De uitgangspunten van lid 1 zijn ook van toepassing op deelname aan
contradictore verhoren in opsporingsonderzoeken. (2) Indien in de gevallen van lid 1, punt 3 of 4, tegelijk met het cassatieberoep
ook hoger beroep wordt ingesteld, is een toeslag van 20 procent op de honorariumtarieven
overeenkomstig lid 1, punt 3, onder d, en onder e, respectievelijk lid 1, punt 4, onder d, en onder e, passend.
(3) In de procedure met één rechter conform lid 1, punt 3, zijn de honorariumtarieven van lid 1, punt 3,
onder b) en c) bij hoger beroep wegens de uitspraak over de straf en/of de uitspraak over
de privaatrechtelijke vorderingen, de honorariumtarieven van lid 1, punt 3, onder d) en e) voor alle
andere beroepen en beroepsonderhandelingen passend. Lid 2 is niet
van toepassing.
§ 10
(1) Voor diensten van de advocaat in ambtshalve strafzaken wegens strafbare feiten die niet in § 9 worden genoemd, zijn de honorariumtarieven van TP 1 tot 3 en TP 5 tot 9 RATG vermeerderd met een
toeslag conform § 6 lid 3 onder toepassing van de volgende beoordelingsgrondslagen passend:
Euro
in gevallen conform § 9 lid 1 punt 1 7.800
in gevallen conform § 9 lid 1 punt 2 18.000
in gevallen conform § 9 lid 1 punt 3 27.600
in gevallen conform § 9 lid 1 punt 4 33.200
in gevallen conform § 9 lid 1 punt 5
overeenkomstig punt 1 tot 4,
bij gebrek aan bepaalbaarheid 18.000
(2) In de zin van lid 1 zijn voor de honorariumberekening passend:
1.TP 2 RATG voor de kostenbepalingsverzoeken, processtukken waarmee alleen
volmachten worden overgelegd, afstand van rechtsmiddelen bekend worden gemaakt en
rechtsmiddelen worden aangemeld; zeer korte verzoeken of andere mededelingen
aan de rechtbank; 2.TP 3A RATG voor verzoeken, voor zover ze qua omvang of inhoud niet als zeer
kort zijn te beschouwen, verzoeken tot invrijheidstelling, verzoeken aan de officier van justitie en de
rechtbank in het opsporingsonderzoek tot uitvaardiging van bevelen, vergunningen,
beslissingen en dergelijke meer; 3.TP 3B RATG voor rechtsmiddelen in strafzaken die niet reeds in § 9 zijn aangegeven,
in het bijzonder bezwaren tegen de tenlastelegging en klachten conform
§ 87 StPO alsmede bezwaren conform § 106 StPO. 4.TP 7/2 RATG voor bezoeken aan vastgehouden of gedetineerde personen en voor
de deelname aan verhoren en voor een dossierstudie die naar aard en
omvang de voorbereiding van advocatendiensten overstijgt (in de zin van § 2 lid 2).
§ 11
De bepalingen over het eenheidstarief conform § 23 RATG kunnen overeenkomstig worden toegepast; in dit geval gelden ook de diensten conform § 9 als beoordelingsgrondslag van het eenheidstarief.
§ 12
In strafzaken wegens strafbare feiten kan een succesbonus tot 50% van het honorariumbedrag worden berekend; dit in het bijzonder, indien de procedure wordt stopgezet of het vonnis op vrijspraak luidt of een wegens een misdrijf aangeklaagde wegens een overtreding of een met een lagere straf bedreigd misdrijf wordt veroordeeld.
§ 13
(1) De criteria van §§ 8 lid 1 alsmede 9 tot 12 zijn overeenkomstig van toepassing op diensten van de advocaat in
a) administratieve strafprocedures wegens overtredingen die met een geldboete tot 730 euro worden bedreigd, conform § 9 lid 1 punt 1;
b) administratieve strafprocedures wegens overtredingen die met een geldboete tot 2.180 euro worden bedreigd, conform § 9 lid 1 punt 2;
c) administratieve strafprocedures wegens overtredingen die met een geldboete tussen 2.180 tot 4.360 euro worden bedreigd, conform § 9 lid 1 punt 3;
d) administratieve strafprocedures wegens overtredingen die met een geldboete van meer dan 4.360 euro worden bedreigd, alsmede alle administratieve strafprocedures wegens overtredingen die naast een geldboete ook met hechtenis worden bedreigd, conform § 9 lid 1 punt 4;
e) fiscale strafprocedures, voor zover ze niet onder de bevoegdheid van de gewone rechtbanken vallen, conform § 9 lid 1 punt 3;
f) tuchtprocedures, afhankelijk van de ernst van het verwijt, conform § 9 lid 1 punt 1 tot punt 3.
(2) Indien meerdere administratieve strafzaken onderwerp van een gemeenschappelijke procedure zijn, moeten bij de vaststelling van de beoordelingsgrondslag de afzonderlijk bedreigde straffen worden samengerekend.
(3) Indien het verlies van voorwerpen is bedreigd, wordt de beoordelingsgrondslag telkens met de waarde daarvan verhoogd.
(4) Op diensten in de rechtsmiddelenprocedure in administratieve strafzaken is § 9 in zoverre overeenkomstig van toepassing, als gelijk aan ambtshalve strafzaken wegens strafbare feiten moet worden onderscheiden of het rechtsmiddel zich op de bestrijding van de strafhoogte beperkt of daarboven uitgaat. Bij de vaststelling van de beoordelingsgrondslag zijn de voor de procedure in eerste aanleg geldende criteria passend.
IV. Deel – Overige bepalingen
§ 14
(1) Voor de ontvangst, boeking, bewaring of uitreiking van geld of waardepapieren, spaar- of depositoboeken – uitgezonderd het beheer van wissels, schuldbekentenissen, getuigen-, deskundigen- alsmede betekeningkosten en dergelijke meer – kunnen de tarieven van het notariaatstarief worden gebruikt.
(2) Indien de ontvangst of uitreiking conform lid 1 niet in de advocatenpraktijk plaatsvindt, kan bovendien voor de inspanning naar de ontvangst- of uitreikingsplaats het honorarium conform TP 7 RATG passend zijn.
§ 15
Indien de advocaat buiten de plaats werkzaam is, waarin zich zijn kantoor of zijn vestiging bevindt, kan de kilometervergoeding volgens de tarieven van de reiskostenvoorschriften van de staat in de hoogste dienstklasse voor het gebruik van een eigen motorvoertuig (in geval van noodzaak ook een huurauto) en de vergoeding van de daadwerkelijke verblijf- en overnachtingskosten als passend worden beschouwd.
§ 16
Op de honorariumtarieven voor diensten van een advocaat, die om gerechtvaardigde redenen tussen 20.00 uur en 8.00 uur of op zon- en feestdagen, of op zaterdagen worden verricht, kan een toeslag van 100% als passend worden beschouwd.
§ 17
(1) De bepaling van § 16 RATG over de afzonderlijke vergoeding van alle
uitgaven inclusief de omzetbelasting geldt ook voor die diensten, waarvan de beloning
niet door de RATG wordt bepaald.
(2) Voor de verzending van elektronische berichten via veilige communicatiekanalen
kan de verrekening van 50 cent per bericht als contante uitgave als passend
worden beschouwd, voor zover in het individuele geval geen hogere kosten worden aangetoond.
§ 18
Bij de beoordeling van de redelijkheid van de vergoeding voor diensten van een advocaat, die niet door de voorgaande bijzondere criteria (deel II en III) worden omvat, kan op criteria voor vergelijkbare diensten acht worden geslagen.
§ 19
De AHK zijn op het internet op de homepage van de Oostenrijkse Orde van Advocaten (http://www.rechtsanwaelte.at) permanent beschikbaar te stellen.
V.Deel – Slotbepalingen
§20 § 6 lid 1 en lid 3 tot 5 alsmede § 10 lid 1 in de versie van het besluit nr. 1/2023 treden met 15 maart 2023 in werking.